Datagedreven besluitvorming
Het idee dat wetenschappers, economen en leiders van grote organisaties beslissingen nemen op basis van pure data, is een misvatting. Data spreekt namelijk nooit voor zichzelf; data vereist interpretatie. Iedereen hanteert eigen paradigma’s en kijkt met een andere bril naar de feiten. Daarbij maakt men subjectieve afwegingen over welke informatie wel of niet wordt meegenomen en hoe zwaar deze weegt.
Het is bovendien diepmenselijk om actief te zoeken naar informatie die bestaande overtuigingen bevestigt en tegenstrijdig bewijs te negeren of te bagatelliseren: de zogenaamde confirmation bias. Zodra we een specifiek doel voor ogen hebben, zoals gelijk krijgen, schuld afwimpelen of winst maximaliseren, gaan onze hersenen razendsnel aan het werk om ondersteunende argumenten te verzamelen. We gedragen ons dan niet als een neutrale rechter, maar als de advocaat van ons eigen belang.
Op individueel niveau is deze dynamiek nog te overzien. Binnen organisaties, waar samenwerking en collectieve prestaties essentieel zijn, is het destructief. Het leidt tot suboptimale, subjectieve besluiten met operationele problemen en onnodige kosten tot gevolg. Vaak worden na incidenten of bij strategische keuzes externe bureaus ingezet (consultants, accountants, onderzoekers). In de praktijk dient dit meestal twee specifieke doelen:
- De paradox van de ‘gekochte objectiviteit’: een organisatie heeft een subjectief doel, zoals reorganiseren of imagoschade beperken en huurt een extern bureau in om dit te onderbouwen met ‘harde cijfers’. Dit creëert een schijn van objectiviteit en het resulterende rapport dient vervolgens als schild tegen kritiek van aandeelhouders, de politiek of het publiek (“Kijk, onafhankelijk onderzoek toont aan dat...”).
- Door de mand vallen: deze constructies falen vroeg of laat. Cijfers die in een gewenste richting zijn geduwd, houden simpelweg geen stand bij een onafhankelijk tegenlicht of contra-expertise. Als het motief onzuiver is (louter eigenbelang of indekken), sijpelt die subjectiviteit vroeg of laat altijd door de geselecteerde data heen.
Data en cijfers zijn op zichzelf geen oplossing voor subjectiviteit en slechte besluitvorming. Cijfers zijn als woorden in een verhaal: ze hebben interpretatie nodig en de kwaliteit daarvan hangt volledig af van degenen die dat doen. Zolang mensen een motief, een achtergrond en een specifiek belang hebben, kunnen dezelfde feiten worden gebruikt om compleet verschillende verhalen te vertellen.
Het is daarom cruciaal om altijd kritisch te kijken naar het motief áchter de cijfers. Welk belang dient het onderaan de streep: een eigenbelang of het collectieve belang? Hoe meer besluiten worden genomen vanuit het collectieve belang, hoe gezonder de organisatie. Dit leidt aantoonbaar tot minder grote incidenten en betere prestaties.
De kern is dit:
We zien zaken zelden zoals ze zijn; we zien ze zoals wij zijn. Wie we zijn, waar we voor staan en onze persoonlijke ontwikkeling spelen hierin een cruciale rol. Het theoretische kader is het probleem niet; het gaat om de daadwerkelijke toepassing door de verantwoordelijke individuen. Zij moeten dit collectieve belang écht willen dienen, hier waarde aan hechten en voldoende ontwikkeld zijn om de langetermijncausaliteit te doorzien. Zonder die intrinsieke volwassenheid is elke investering in data en extern advies een verspilling van tijd en geld.
Gepersonaliseerd advies? Stuur een bericht naar rico@rjrconsulting.nl of check www.rjrconsulting.nl voor meer informatie.

Reacties
Een reactie posten